Amateurarcheologen graven onderduikershol uit

Door: Jacobine Melis

Jan Benjamins toont de ingang van het onderduikershol. Foto: Jacobine Melis
Jan Benjamins toont de ingang van het onderduikershol. Foto: Jacobine Melis

Het bekende onderduikershol in het Evertsbos tussen Anloo en Eext wordt archeologisch onderzocht. Het hol was in de Tweede Wereldoorlog een schuilplaats voor mensen uit het verzet. In september 1944 is het hol ontdekt. Na er jaren veilig te hebben geleefd, waren de bewoners onvoorzichtig geworden: “Een Duitse officier rook gebraden vlees en verwittigde andere Duitsers,” zegt Albert Hovius voorzitter van de historische vereniging Anloo. Drie onderduikers zijn gefusilleerd.

Het hol ligt tegenwoordig in een open heidegebied, maar ten tijde van de Tweede Wereldoorlog was het dichtbebost. Het hol lag goed verborgen. Dit was nodig om niet ontdekt te worden door de Duitsers, maar ook vanwege de vele NSB’ers die Drenthe kende. Jan Benjamins, een van de begeleiders van de opgraving, vermoedt dat de makers een gat hebben gegraven en het uitgegraven zand langs de randen hebben gestort. Zo kreeg het hol opstaande wanden. “Op het zand heeft waarschijnlijk een dak gelegen, maar het is ons nog niet duidelijk waarvan ze dat gemaakt hebben. We hebben geen asbest gevonden, terwijl dat wel een makkelijke, snelle manier was om een dak te maken,” zegt Benjamins.
In 1943 is er een filmpje gemaakt van het hol. We zien er vooral de onderduikers op en de omgeving van het hol, maar het geeft ook enige aanwijzingen van het hol zelf. Zo zat er een deur in met een raampje of een gat zodat er licht naar binnen kon schijnen.

Glazen voorwerp in de profielwand van het onderduikershol. Foto: Jacobine Melis
Glazen voorwerp in de profielwand van het onderduikershol. Foto: Jacobine Melis

In september 1944 werd het hol ontdekt. Er zaten op dat moment acht mensen in. Drie van hen, Jakob Bruggema (35), Harm Molenkamp (23) en Gerard Oosting (27), zijn direct opgepakt, naar Westerbork gestuurd en gefusilleerd. De andere vijf konden ontsnappen. Het hol is vervolgens door de Duitsers gesloopt. Ze hebben er handgranaten ingegooid. “We hebben bij de opgraving fragmenten van handgranaten gevonden. Onderzoek moet uitwijzen of het om Duitse exemplaren gaat,” zegt Benjamins.

Op 8 april 1945, twee dagen voor de bevrijding, werden tien mensen vanuit het beruchte Scholtenhuis in Groningen, het regionaal hoofdkwartier van de Sicherheitsdienst, naar het hol gebracht. Ze werden geëxecuteerd en hun lichamen zijn in het hol gelegd en deels overdekt met zand en takken. “Ze waren erg toegetakeld en moeten flink mishandeld zijn,” legt Hovius uit. Op de herdenkingssteen, op zo’n 20 meter afstand van het hol, staan de namen van deze tien geëxecuteerden.

De opgraving wordt uitgevoerd door vrijwilligers van de historische vereniging Anloo. “De eerst helft is opgegraven, maar we hebben zo veel gevonden dat we gestopt zijn. We moeten nu eerst afwachten of we meer financiering krijgen, dan kunnen we eventueel verder opgraven,” zegt Benjamins.

Voor Wijnand van der Sanden, provinciaal archeoloog van Drenthe, hoefde de opgraving niet zo nodig. Archeologen proberen zo min mogelijk op te graven. Liever behouden ze de archeologische sporen in de grond. Opgravingen worden alleen uitgevoerd als daar een noodzaak voor is: wanneer de sporen bijvoorbeeld verloren zouden gaan. Hierover zegt Hovius: “Dat we nu onderzoek doen naar de resten van MH17 wordt noodzakelijk gezien, om de slachtoffers te herinneren. Dit is ook de reden dat het onderzoek van het onderduikershol noodzakelijk is. Zo kunnen we de onderduikers herdenken.”

Het herdenkingsmonument vlak bij het hol. Foto: Jacbine Melis
Het herdenkingsmonument vlak bij het hol. Foto: Jacbine Melis

Het hol is na verloop van jaren steeds verder dicht gestoven. Er was nog een lichte kuil in het landschap zichtbaar, maar het was niet herkenbaar als hol. De historische vereniging wil het hol weer zichtbaar maken. Een pad zal van het hoofdpad leiden naar het hol. Er worden dertien jeneverbessen geplaatst, tien voor de bij het hol geëxecuteerden en drie voor de gefusilleerde bewoners van het hol. Vier palen in de grond gezet, elk op een hoek van het hol. Het informatiebord aanpassen en op de gedenksteen de drie opgepakte onderduikers toevoegen.

Soldaten van de landmacht zullen tijdens de Landmachtdagen, op 12 en 13 mei, meehelpen om het hol zichtbaarder te maken. De Landmachtdagen staan in het teken van “contact met de samenleving,” schrijft Defensie. Soldaten trekken het land in om de mensen kennis te laten maken met de landmacht.

Voorjaarsstorm legt vuilstort Friesche veen bloot

Door: Folkert Westra

Tussen de wortels van een omgewaaide boom is  oud huisvuil terug te vinden. Foto: D. Witteveen
Tussen de wortels van een omgewaaide boom is oud huisvuil terug te vinden. Foto: D. Witteveen

De voorjaarsstormen van de afgelopen weken hebben in natuurgebied het Friesche veen, tussen Haren en Paterswolde sporen uit het verleden naar boven gebracht. Enkele bomen hebben de krachtige wind niet overleeft en zijn omgegaan. Tussen de boomwortels bleek ook een deel van een oude vuilstort naar boven te zijn gekomen. Tussen ongeveer 1900 en 1930 werd de oostzijde van het Friesche veen door de stad Groningen gebruikt als vuilstort. Het vuil werd met schepen van de stad naar het Friesche veen verscheept en daar aangebracht om de dijk te verstevigen.

Foto: D. Witteveen
Foto: D. Witteveen

Na 1930 werd ingezien hoe uniek het gebied is en heeft men besloten het gebied te beschermen. In het verleden is het overigens al vaker gebeurd dat omgewaaide bomen een deel van de oude vuilstort blootlegden. Voor wie binnenkort gaat wandelen bij het Friesche veen is een stukje geschiedenis van de stad Groningen uit begin 20ste eeuw te bezichtigen.